mei 6, 2026

Dat maakt de aanwezigheid van partijen op Pride volgens hem belangrijk, zolang het geen pinkwashing wordt. “Politici blijven politici”, zegt hij. “Die moet je niet altijd op hun woord geloven. Maar elke politieke partij die onze gemeenschap en onze eisen steunt, laten we toe in de Pride. Anders niet.”
Tegelijk blijft de verhouding ongemakkelijk. Pride is ontstaan uit protest tegen macht en uitsluiting. Maar wie wetgeving wil veranderen, moet uiteindelijk ook met die macht spreken. Schellings verwijst naar Viktória Radványi, organisator van Budapest Pride, die vorig jaar op het podium in Brussel stond. “Zij zei: ‘Het is beter om de politiek aan je zijde te hebben dan tegenover je.’ Dat vind ik goed gezegd.”

Protestbord met Von der Leyen

Ook voor Giorgi Tabagari blijft de politieke dimensie van Brussels Pride zichtbaar, zeker in vergelijking met andere Prides in West-Europa. De Georgische activist werkt met enkele anderen aan de oprichting van een Pride Museum in Brussel, de stad waar hij intussen al enkele jaren woont.
Voor hem is Brussels Pride een voorbeeld wat de balans tussen feest en protest betreft, maar dan niet vanwege de aanwezigheid van politieke partijen. “De Pride is erg toegankelijk”, zegt hij. “Mensen en verenigingen kunnen eenvoudig deelnemen, ook kleine, lokale groepen.”
Wat hem nog opvalt, zijn de boodschappen op straat. “De thema’s die tijdens Pride worden opgevoerd, gaan heel breed”, zegt hij. “Die gaan niet alleen over lgbtq+-rechten in België, maar ook over de oorlog in Oekraïne, het onrecht in Palestina, racisme en migratie. Uit de posters en borden spreekt een duidelijke solidariteit.”

Volgens Tabagari heeft dat veel te maken met Brussel zelf. De queer gemeenschap is heel divers, net zoals de stad, en uitgesproken politiek. “Brussel is de hoofdstad van België”, zegt hij. “De Pride wordt gesteund door de Stad en het Gewest. Lokale thema’s blijven dus belangrijk. Maar tegelijk is Brussel de plaats waar de Europese instellingen thuis zijn. Daardoor krijgt Brussels Pride ook een internationaal aspect.”

Ook hij verwijst naar Budapest Pride. Niet alleen het verbod zelf, ook de lauwe Europese reactie daarop werd onderwerp van protest. “Er zijn weinig Prides waar je protestborden met een boodschap aan Ursula von der Leyen terugvindt”, denkt hij.

Dat maakt van de mars in Brussel een plek waar de Europese geloofwaardigheid rond lgbtq+-rechten wordt getest. De Europese instellingen maken van de gelegenheid gebruik om activisten uit diverse hoeken van Europa naar Brussel te halen, zodat die hun eisen kunnen formuleren tegenover Europese besluitvormers.

Pride, zegt hij, is work in progress. “Het is een moment om een betere wereld in te beelden, maar we mogen niet uit het oog verliezen wat we al hebben verwezenlijkt. Pride is tegelijk een protest én een feest. Dat kan naast elkaar bestaan.”

Eisen op spandoeken

De verwezenlijkingen zijn het grootste verschil met dertig jaar geleden, toen de eerste Pride in zijn huidige Brusselse vorm door de hoofdstad trok. Het politieke karakter was toen onmiskenbaar.

“Die eerste Pride draaide rond tien eisen”, zegt Chille Deman, voorzitter van het comité dat die eerste Pride in Brussel organiseerde. “De twee belangrijkste waren een antidiscriminatiewet en de wettelijke erkenning van queer koppels. Over het huwelijk spraken we toen nog niet. Het ging in de eerste plaats om de erkenning van twee mannen of twee vrouwen als koppel in juridische zin.”